10/12
‘t Stad kopen
Vanaf zaterdag 10 december kan het weer: ‘t stad kopen, in je zak steken en mee naar huis nemen. Onze stadswinkel is verbouwd en gaat – na tijdens de werken een tijdje pop-up store te zijn geweest onder het stadhuis – opnieuw open op z’n vertrouwde plek op de Grote Markt.
Je gelooft je ogen niet: van een donkere, smalle pijp in een oud monument dat je niet mag uitbreiden of verbouwen is de winkel nu toch een bijzonder lichte en uiterst moderne shop geworden met een groot gevoel van ruimte.
Ook het gamma is nieuw. Onze Antwerpse iconen staan op modieuze t-shirts, keukenschorten, paraplu’s en nog veel meer. Van Brabo tot Rubens, van de Kathedraal tot de Boerentoren, van het MAS tot de Zoölogie. Je kan er jezelf of wie je lief is verwennen met 8 Antwerpse streekproducten: Amberes koffie, bollekes Koninck, Congolaiskes, Candico, Antwerpse handjes, Elixir d’Anvers, Vieux d’Anvers en de Caramella Mokatine van Roodthooft.
Er is een unieke kinderlijn voor de kleinsten. Met bavetjes, mutsjes en hemdjes.
Er zijn trendy kaptruien en silly ears koptelefoons voor wie jong (van geest) is.
En in de A sportoutfits sta je altijd op scherp.
Bovendien is onze stadswinkel waarschijnlijk de enige plek ter wereld waar een Beerschot- en Antwerp supporterssjaal broederlijk naast elkaar hangen.
‘t Stad is van iedereen. Dat spat van deze winkel af.
En dat maakt hem nóg ‘stralender’ dan de A waarvan hij het visitekaartje en het gezicht is.
09/12
Antwerpen als schatkaart
‘ t Steen was de voorbije zomer al een echt ‘kidskasteel’. Dat wordt het dit eindejaar opnieuw. Kinderen en hun ouders kunnen er op avontuur door de stad met de voorstelling ‘Amber & S’ van Dimitri Leue (de man van w@=d@, Sunjata en andere schitterende Paleisvoorstellingen). Amber is een prinses van 6. Soms van 9. Want ze speelt met haar kroon en met haar leeftijd. Op haar verjaardag komt ze met haar moeder naar de koekenstad. Antwerpen wordt een soort schatkaart die ze samen ontdekken. Door de ogen van Amber ziet haar moeder de stad opnieuw voor het eerst: de kathedraal als wals (haar hoogte van 123 m is voor Amber de 1,2,3 van deze dansmuziek). Antwerpse handjes in choc-olala. Standbeelden van schilders waarvan sommige bewegen als je ze een halve euro toestopt en andere helemaal niet. Een kasteel van meer dan 800 jaar dat er toch nog redelijk goed uitziet voor zijn leeftijd. Een luchtlijn aan het water. Het stadhuis van de burgervader dat Amber doet vragen of er dan ook een ‘burgermoeder’ bestaat. En de trapgevels van de Grote Markt die zij ‘podiumgevels’ noemt, zoals bij de Olympische Spelen… Op deze manier verkennen moeder en dochter ‘t stad. Maar aan de Schelde loopt het mis. Ambers kroon valt in het water en haar dag in duigen. Tot ze S ontmoet en met hem ook… de geest van ‘t stad (die in een ver verleden door sommigen ook wel eens Lange Wapper werd genoemd).
Fantasie troef in deze moderne stadslegende en speelse voorstelling in een pop-up decor met één actrice en een muzikant. Het is niet voor niks dat tussen Antwerpen en ‘ontwerpen’ maar één letter verschil zit!
beeld © Vanessa Verstappen
voor kinderen van 8 tot 12 | van 10 december tot 8 jaunari in ‘t Steen
tickets 2 € | http://www.winterinantwerpen.be/programma/4/amber-s
02/12
Cultuurbeleid in waterverf
Ik geef het toe: ik ben een tevreden man: Brecht Evens heeft mijn exemplaar van zijn boek ‘gesigneerd’ met een aquarel. Dat is beter dan handtekening! Ben dus vol verwachting aan zijn nieuwste striproman ‘De liefhebbers’ begonnen. Omdat ik zijn voorganger ‘Ergens waar je niet wil zijn’ terecht alom bekroond en bejubeld vind. Maar ook omdat de inhoud en het onderwerp van ‘De Liefhebbers’ mij intrigeert.
Pieterjan, een kunstenaar uit de grootstad, laat zich overhalen om mee te doen aan de eerste editie van een kunstbiënnale in het fictieve dorpje Beerpoele. Daar wordt hij, rapper dan hem lief is, ingelijfd bij het bizarre team dat dit festival organiseert. In ware ‘Man bijt hond’-stijl laat Evens ons kennismaken met zonderlinge Beerpoelse figuren: psychotici en sukkelaars die constant proberen hun eigen gebrek aan talent te camoufleren.
De tekenstijl van Brecht Evens is indrukwekkend. Vooral de manier waarop hij met zijn bladspiegel omgaat. De ene keer staan tekeningen én tekst in netjes afgebakende vierkanten. De andere keer is er een waar beeldenvuurwerk waar je een kwartier naar moet kijken als je geen detail wilt overslaan. Hij tekent de werkelijkheid niet zoals ze is. Hij regisseert ze. Dat maakt het interessant. Zijn kleurgebruik is uitzonderlijk en ‘buiten de lijntjes’. En alles komt aan bod: de pretentie van kunst(enaars) met de grote K, de tegenstelling tussen stad en provincie, het spanningsveld tussen professionals en ‘liefhebbers’…
In 2006 schreef ik in mijn boek ‘Het beste moet nog komen’ mijn visie neer op het Antwerpen van de komende 10 á 15 jaar. Op bladzijde 81 staat er: ‘kunst en cultuur kunnen niets en zijn niets zonder publiek. …….Kunst die alleen betekenis heeft voor de maker, levert geen bijdrage aan het leven in de stad. Hoe we kunst en cultuur ook definiëren, ze zijn onlosmakelijk verbonden met mensen, en mensen zijn er veel in de stad. Het is geen toeval dat cultuur in de stad pas echt tot leven komt, dat een stad de ideale biotoop is voor een kunstenaar. In een stad is het leven bij uitstek dynamisch en voortdurend in verandering’. Dit is één van de centrale thema’s in ‘De Liefhebbers’. Een visie op cultuurbeleid in prachtige aquarellen. Bovendien geestig en genadeloos scherp. Wreed (&) schoon !
24/11
De A van Aankomst
‘t Stad heeft Doug Saunders, de auteur van ‘Arrival City’ (een boek dat in het Nederlands vertaald is als ‘De trek naar de stad’) gevraagd om een hoofdstuk bij te maken. Een extra hoofdstuk over ons 2060. Waarom? Voor het eerst in de geschiedenis leven er meer mensen in de stad dan op het platteland. In zijn boek beschrijft Doug Saunders de dynamiek die op al deze ‘plekken van aankomst’ (die in feite altijd ook plaatsen zijn waar anderen niet willen wonen) overal ter wereld aan de gang is. Hij beschrijft hoe zo’n buurten functioneren en wat hen doet slagen of falen. Van Istanbul tot Los Angeles, van Warschau tot Mumbai en van Nairobi tot Shenzhen. Maar een hoofdstuk over Antwerpen ontbrak nog. Wij hebben hem gevraagd dat te schrijven. En daarvoor heeft hij 2060 onder de loep genomen. Want dat Antwerpen noord onze ‘plaats van aankomst’ is, daar bestaat geen twijfel over: 51% van de mensen die er wonen zijn van een andere origine, 50% komt van buiten Europa en in de wijk Stuivenberg is 1/3 van de bevolking van Turkse of Marokkaanse afkomst. En bijna allemaal zijn ze van hun platteland naar onze stad gekomen. Dat op zich is natuurlijk niks nieuws. Dat weten we. Sommige van de troeven die Doug in 2060 ziet, zien wij ook: de tramlijnen, de bibliotheek, park spoor noord... De problemen en minpunten kennen we nog beter. Maar het interessante aan Doug Saunders is dat hij 2060 met de frisse blik van een buitenstaander beziet. Sommige dingen schat hij hoger in dan wij (de 19de eeuwse huizen bijvoorbeeld). Soms vindt hij wat wij doen minder goed dan wij denken dat het is (de oeverloze bureaucratie waar iemand die een klein winkeltje of zaakje wil opendoen zich op te pletter loopt). Doug Saunders is geen goeroe die ons komt zeggen wat we moeten doen of die pasklare oplossingen biedt. Hij is iemand die ons aan ‘t denken zet. Omdat zijn kijk dynamischer en pragmatischer is dan die van ons. Wij nemen meestal deze vraag als uitgangspunt: ‘wat zou de ideale situatie zijn en wat moeten we doen om dat ideaal te bereiken? ‘ Hij laat ons zien dat het goed is om te vertrekken van de werkelijkheid, van het leven zoals het is en dan te kijken hoe je dat kan verbeteren. Dat het soms gemakkelijker is om te werken met iets dat al bestaat dan opnieuw van scratch te beginnen. Dat het geen zin heeft om al onze energie te steken in externe factoren waar we weinig vat op hebben (het migratiebeleid, de internationale drugtrafiek, de macro-economische situatie). Dat we ons kruit niet moeten verschieten op dingen die we moeilijk kunnen veranderen. Want dat er meer dan genoeg troeven zijn die we wél in handen hebben. Hij toont aan dat het niet onmogelijk is en dat er geen mirakels nodig zijn om van 2060 opnieuw een buurt te maken waar iedereen wil blijven wonen. Waarvoor dank, Doug!
22/11
Drie keer in de prijzen gevallen
Het slotfeest van Antwerpen als ‘European Youth Capital’ is nog maar van zondag achter de rug. En amper een dag later zijn we al opnieuw ‘hoofdstad’.
Nu die van het ‘Europa Nostra Erfgoed’.
Europa Nostra. Het klinkt een beetje als Cosa Nostra. Maar dit is géén maffiafamilie. Wel een organisatie die in 50 Europese landen dé stem is geworden van het culturele erfgoed en die zich engageert om dat te beschermen. Antwerpen is ‘Erfgoedhoofdstad 2011’ omdat we met ‘t stad drie keer in de prijzen zijn gevallen: al onze kathedralen hebben gewonnen! De ‘grand prix’ is weggekaapt door onze ‘spoorwegkathedraal’ aka Centraal Station of middenstatie. De overige awards gingen naar onze monumentale kerken en naar die ene andere kathedraal van ons. Terecht. Wij zijn nu eenmaal de stad met de mooiste anderhalve toren ter wereld. Toen ik in het vierde leerjaar van de lagere school zat (bij meester Janssens overigens - what’s in a name-) wou ik mordicus later bisschop worden om de toren van de kathedraal verder af te maken. Gelukkig gaat er af en toe iets fout in de evolutie. Ik ben nu wel burgemeester maar godzijdank géén bisschop. Stel u voor. Dat hij geen twee torens heeft, maakt onze kathedraal juist zo uitzonderlijk en bijzonder. Die tweede toren finaliseren zou vloeken in de kerk zijn. En een even grote doodzonde als iemand die het in zijn hoofd haalt om de kathedraal van Gaudi verder af te maken…
De derde categorie Antwerpse ‘monumenten’ die een prijs kregen, zijn onze volkscafés en bruine kroegen. En ik vermoed dat de tweehonderd genodigden van Europa Nostra -na een dag erfgoedbezoek en talloze toespraken- zich zeker het fris bolleke in onze ‘volkstempel’ Den Engel zullen blijven herinneren.
Dat is bij ons -na de gemeenteraad- trouwens niet anders.
foto: Wim Bladt
www.europanostra.org
www.europanostrabelgium.be