13/03
Prinselijke studentenstad
Een regeringsvorming of begrotingscontrole lijkt er klein bier tegen. Zoveel pers en camera’s staan prins Laurent op te wachten. In de ‘Prinsstraat’ dan nog wel. What’s in a name… De studentenorganisatie Unifac had hem geschreven ’op hoop van zegen’. En ‘n beetje tot hun eigen verbazing is hij inderdaad gekomen om deze vierde editie van hun ‘Calamartes’ kunstenfestival officieel te openen. De welkomstfanfare speelt evergreens die ik anders vooral op Beerschot hoor. Op het ogenblik dat de prins arriveert horen we ‘he’s got the whole world in his hands’. Maar ook ‘oh when the saints’ passeert de revue. Een studentikoos chaotische optocht trekt langs de eerste volle terrasjes op de Ossenmarkt naar de spiegeltent op de historische binnenkoer van de stadscampus. In de omgeving van deze uitvalbasis is het de komende vijf dagen te doen. Speenvarken eten, optredens en feest. Maar ook het serieuze(re) werk: een workshop ‘organiseren in Antwerpen’. Gegeven door ’t evenemententeam van ‘t stad. Op andere dagen komen dans, poëzie, jazz, beeldende kunst en comedy aan bod. Bovendien betrekken de studenten de ganse buurt bij dit festival. Woensdag placeren ze een danske met de bewoners van ‘t RVT in de Pieter Van Hobokenstraat. Vrijdag ontvangen ze overdag kinderen uit buurtscholen en ‘s avonds buurtbewoners. Studenten die verder kijken dan hun cursusneus lang is. Studentenleven op zijn best. Dat doet mij denken aan een onderzoek van enkele jaren geleden. Daaruit bleek dat Antwerpen niet direct de éérste studentenstad was waar jongeren aan dachten. Maar eens ze er waren geweest, wilden ze er niet meer weg. Ik versta waarom.
09/03
Een bier uit een jongensboek
Het verhaal is hartveroverend en lijkt weggelopen uit een jongensboek.
Een Antwerps bier van een eeuw geleden is zo populair dat er een hele wijk wordt naar vernoemd: de Seefhoek. Maar het bier zelf overleeft de oorlog niet en verdwijnt. Tot honderd jaar later een jonge brouwersprins erover leest in een oud boek.
Hij besluit op queeste te gaan om het Seefbier terug wakker te kussen. Maar de tocht is lang en vol hindernissen en het recept blijft onvindbaar. Pas drie jaar later ontdekt hij het met de hand geschreven geheim in een vergeeld schriftje in een oude doos ergens op ‘n zolder. Met de ‘Bende van de Bierkenners’ en andere ridders en bondgenoten blaast hij het oude Seefbier nieuw leven in. Uiteindelijk wordt het op 9 maart 2012 op ‘t Schoon Verdiep in het stadhuis voor de tweede keer geboren…
Die jonge brouwersprins is Johan Van Dyck, in een vorig leven marketingdirecteur bij Moortgat. In 2010 nog gekroond tot Marketeer van het Jaar. De man die Duvel en Vedett weer hip maakte. Maar dan zo verliefd wordt op ‘Seef’ dat hij er niet kan aan weerstaan en er zijn job laat voor staan. Dat Seef zijn grote liefde is, hoor je aan hoe hij erover spreekt. En de passie voor ‘t stad proef je in zijn bier.
Antwerpen heeft voortaan dus twee stadsbieren: Koninck en Seef.
Logisch. Op één been kan een stad als die van ons niet staan!
05/03
‘t Stad in de teletijdmachine
Nog tot 22 april in De Zwarte Panter: ‘archief 2012’. Beelden van Antwerpen vroeger en nu.
‘t Stad in de teletijdmachine van Herman Selleslags. Een stationscafé in de Van Ertbornstraat uit de periode van de petticoats en de jukeboxen. De Sinksenfoor toen zijn kinderen klein waren. Vader en zoon Schoenaerts op een ogenblik dat Matthias nog veel meer ‘kleine prins’ is dan Hollywoodster. Maar ook foto’s van Jan Vanriet en Luc Tuymans een tijdje terug. En de architectuur van het Kievitplein hier en nu. Antwerpen in zwart-wit én kleur. Ons laten zien waar wij ogen te kort voor komen, dat is wat goeie fotografen doen. Herman Selleslags in het bijzonder. Hij vindt de gebeurtenis altijd belangrijker dan zichzelf. Voor hem moet een foto niet alleen iets vertellen over de figuur op die foto, maar óók over de tijd waarin ze gemaakt is. Daarom gebruikt hij zelden of nooit close-ups. In zijn werk is de achtergrond minstens zo belangrijk als de voorgrond. Dat typeert hem. Niet alleen als fotograaf. Ook als mens. Hij is geen man van grote woorden en ziet zichzelf absoluut niet als kunstenaar. In zijn ogen heeft Roland Barthes gelijk: fotografie is geen kunst maar magie. Het gaat om het stilzetten van de tijd. De tijd stilzetten. Dat is exact wat meestertovenaar Selleslags in deze tentoonstelling doet. En dié kunst verstaat hij als geen ander.
17/02
Gespierd jong talent
Nog tot 15 maart te zien in stripwinkel Mekanik: Sixpack! Verwacht geen blikjes drank of trainingstips voor ‘hoe krijg ik een wasbord’. Wel een expo van gespierd jong tekentalent met groot artistiek buikgevoel. Zes jonge illustratoren uit de stal van het KASK in Gent presenteren er hun werk. Wat de censuur in Temse niet pikte, hangt hier open en bloot: schaamteloze seksualiteit van Thomas De Ben. Er is de obscure, bevreemdende wereld van pas afgestudeerde leerling-tovenaar, Maarten Zerelik. Het absurde en humoristische surrealisme van Korneel Detailleur. De stills van Tim Van den Abeele die weggelopen lijken te zijn uit een Amerikaanse film. De fantasie van een kinderhoofd in de grote mensenhand van Nils Pieters. Zijn grote boze wolf -die bij nader inzien helemaal niet boos blijkt te zijn- is hartveroverend. En er is de bijzonder aparte illustratietechniek van Alain Verster. Hij bewerkt oude foto’s met crepetape en potlood en combineert ze met vlakken acryl en olieverf. Het resultaat is verrassend nostalgisch voor een gast van amper 28. Maar wel adembenemend schoon. Wie naar Sixpack gaat kijken zal aan den lijve ondervinden dat er in den beginne dan misschien wel het woord was. Maar dat ‘t in ieder geval het beeld is dat blijft hangen!
illustratie: Alain Verster
www.mekanik-strip.be
www.korneeldetailleur.com
www.timvandenabeele.be
www.nilspieters.be
15/02
Cinema Valentijn
Stadsschouwburg, HETPALEIS en Cinema Valentijn. Drie reuzen smoorverliefd samen op het Theaterplein. Dat was dinsdagavond 14 februari in ‘t stad.
Vijftienhonderd Antwerpenaars zaten er in ‘n nogal natte maar toch knusse openluchtbioscoop -op strobalen, strandstoelen en houten banken- te kijken naar de film ‘Smoorverliefd’ van Hilde van Mieghem. In vakjargon een ‘romcom’, een vederlichte romantische komedie die echter nooit zo licht wordt dat ze gaat vervelen. Met veel humor [Jan Decleir is hilarisch als remake van Hugo Claus die poëzie van Bart Moeyaert declameert]
En met de heerlijke overdrijving die eigen is aan het genre. Smoorverliefd vertelt het verhaal van vier vrouwen. Vier vrouwen van verschillende leeftijdscategorieën. Maar allemaal op zoek naar de liefde van hun leven. Liefde en sex gezien door vrouwenogen. Mag wel. Het is vaak genoeg andersom. Daarna dansen op discobar ‘A Moeder’. Een fijne en nogal feminiene Valentijnsavond.
Logisch. ‘t Stad is een ‘zij’.
foto: Dries Luyten
