02/12
Cultuurbeleid in waterverf
Ik geef het toe: ik ben een tevreden man: Brecht Evens heeft mijn exemplaar van zijn boek ‘gesigneerd’ met een aquarel. Dat is beter dan handtekening! Ben dus vol verwachting aan zijn nieuwste striproman ‘De liefhebbers’ begonnen. Omdat ik zijn voorganger ‘Ergens waar je niet wil zijn’ terecht alom bekroond en bejubeld vind. Maar ook omdat de inhoud en het onderwerp van ‘De Liefhebbers’ mij intrigeert.
Pieterjan, een kunstenaar uit de grootstad, laat zich overhalen om mee te doen aan de eerste editie van een kunstbiënnale in het fictieve dorpje Beerpoele. Daar wordt hij, rapper dan hem lief is, ingelijfd bij het bizarre team dat dit festival organiseert. In ware ‘Man bijt hond’-stijl laat Evens ons kennismaken met zonderlinge Beerpoelse figuren: psychotici en sukkelaars die constant proberen hun eigen gebrek aan talent te camoufleren.
De tekenstijl van Brecht Evens is indrukwekkend. Vooral de manier waarop hij met zijn bladspiegel omgaat. De ene keer staan tekeningen én tekst in netjes afgebakende vierkanten. De andere keer is er een waar beeldenvuurwerk waar je een kwartier naar moet kijken als je geen detail wilt overslaan. Hij tekent de werkelijkheid niet zoals ze is. Hij regisseert ze. Dat maakt het interessant. Zijn kleurgebruik is uitzonderlijk en ‘buiten de lijntjes’. En alles komt aan bod: de pretentie van kunst(enaars) met de grote K, de tegenstelling tussen stad en provincie, het spanningsveld tussen professionals en ‘liefhebbers’…
In 2006 schreef ik in mijn boek ‘Het beste moet nog komen’ mijn visie neer op het Antwerpen van de komende 10 á 15 jaar. Op bladzijde 81 staat er: ‘kunst en cultuur kunnen niets en zijn niets zonder publiek. …….Kunst die alleen betekenis heeft voor de maker, levert geen bijdrage aan het leven in de stad. Hoe we kunst en cultuur ook definiëren, ze zijn onlosmakelijk verbonden met mensen, en mensen zijn er veel in de stad. Het is geen toeval dat cultuur in de stad pas echt tot leven komt, dat een stad de ideale biotoop is voor een kunstenaar. In een stad is het leven bij uitstek dynamisch en voortdurend in verandering’. Dit is één van de centrale thema’s in ‘De Liefhebbers’. Een visie op cultuurbeleid in prachtige aquarellen. Bovendien geestig en genadeloos scherp. Wreed (&) schoon !
24/11
De A van Aankomst
‘t Stad heeft Doug Saunders, de auteur van ‘Arrival City’ (een boek dat in het Nederlands vertaald is als ‘De trek naar de stad’) gevraagd om een hoofdstuk bij te maken. Een extra hoofdstuk over ons 2060. Waarom? Voor het eerst in de geschiedenis leven er meer mensen in de stad dan op het platteland. In zijn boek beschrijft Doug Saunders de dynamiek die op al deze ‘plekken van aankomst’ (die in feite altijd ook plaatsen zijn waar anderen niet willen wonen) overal ter wereld aan de gang is. Hij beschrijft hoe zo’n buurten functioneren en wat hen doet slagen of falen. Van Istanbul tot Los Angeles, van Warschau tot Mumbai en van Nairobi tot Shenzhen. Maar een hoofdstuk over Antwerpen ontbrak nog. Wij hebben hem gevraagd dat te schrijven. En daarvoor heeft hij 2060 onder de loep genomen. Want dat Antwerpen noord onze ‘plaats van aankomst’ is, daar bestaat geen twijfel over: 51% van de mensen die er wonen zijn van een andere origine, 50% komt van buiten Europa en in de wijk Stuivenberg is 1/3 van de bevolking van Turkse of Marokkaanse afkomst. En bijna allemaal zijn ze van hun platteland naar onze stad gekomen. Dat op zich is natuurlijk niks nieuws. Dat weten we. Sommige van de troeven die Doug in 2060 ziet, zien wij ook: de tramlijnen, de bibliotheek, park spoor noord... De problemen en minpunten kennen we nog beter. Maar het interessante aan Doug Saunders is dat hij 2060 met de frisse blik van een buitenstaander beziet. Sommige dingen schat hij hoger in dan wij (de 19de eeuwse huizen bijvoorbeeld). Soms vindt hij wat wij doen minder goed dan wij denken dat het is (de oeverloze bureaucratie waar iemand die een klein winkeltje of zaakje wil opendoen zich op te pletter loopt). Doug Saunders is geen goeroe die ons komt zeggen wat we moeten doen of die pasklare oplossingen biedt. Hij is iemand die ons aan ‘t denken zet. Omdat zijn kijk dynamischer en pragmatischer is dan die van ons. Wij nemen meestal deze vraag als uitgangspunt: ‘wat zou de ideale situatie zijn en wat moeten we doen om dat ideaal te bereiken? ‘ Hij laat ons zien dat het goed is om te vertrekken van de werkelijkheid, van het leven zoals het is en dan te kijken hoe je dat kan verbeteren. Dat het soms gemakkelijker is om te werken met iets dat al bestaat dan opnieuw van scratch te beginnen. Dat het geen zin heeft om al onze energie te steken in externe factoren waar we weinig vat op hebben (het migratiebeleid, de internationale drugtrafiek, de macro-economische situatie). Dat we ons kruit niet moeten verschieten op dingen die we moeilijk kunnen veranderen. Want dat er meer dan genoeg troeven zijn die we wél in handen hebben. Hij toont aan dat het niet onmogelijk is en dat er geen mirakels nodig zijn om van 2060 opnieuw een buurt te maken waar iedereen wil blijven wonen. Waarvoor dank, Doug!
22/11
Drie keer in de prijzen gevallen
Het slotfeest van Antwerpen als ‘European Youth Capital’ is nog maar van zondag achter de rug. En amper een dag later zijn we al opnieuw ‘hoofdstad’.
Nu die van het ‘Europa Nostra Erfgoed’.
Europa Nostra. Het klinkt een beetje als Cosa Nostra. Maar dit is géén maffiafamilie. Wel een organisatie die in 50 Europese landen dé stem is geworden van het culturele erfgoed en die zich engageert om dat te beschermen. Antwerpen is ‘Erfgoedhoofdstad 2011’ omdat we met ‘t stad drie keer in de prijzen zijn gevallen: al onze kathedralen hebben gewonnen! De ‘grand prix’ is weggekaapt door onze ‘spoorwegkathedraal’ aka Centraal Station of middenstatie. De overige awards gingen naar onze monumentale kerken en naar die ene andere kathedraal van ons. Terecht. Wij zijn nu eenmaal de stad met de mooiste anderhalve toren ter wereld. Toen ik in het vierde leerjaar van de lagere school zat (bij meester Janssens overigens - what’s in a name-) wou ik mordicus later bisschop worden om de toren van de kathedraal verder af te maken. Gelukkig gaat er af en toe iets fout in de evolutie. Ik ben nu wel burgemeester maar godzijdank géén bisschop. Stel u voor. Dat hij geen twee torens heeft, maakt onze kathedraal juist zo uitzonderlijk en bijzonder. Die tweede toren finaliseren zou vloeken in de kerk zijn. En een even grote doodzonde als iemand die het in zijn hoofd haalt om de kathedraal van Gaudi verder af te maken…
De derde categorie Antwerpse ‘monumenten’ die een prijs kregen, zijn onze volkscafés en bruine kroegen. En ik vermoed dat de tweehonderd genodigden van Europa Nostra -na een dag erfgoedbezoek en talloze toespraken- zich zeker het fris bolleke in onze ‘volkstempel’ Den Engel zullen blijven herinneren.
Dat is bij ons -na de gemeenteraad- trouwens niet anders.
foto: Wim Bladt
www.europanostra.org
www.europanostrabelgium.be
19/11
Twintig jaar buurttoezicht in ‘t stad
‘Niet voor macho’s en mannetjesputters’. Dat zou in de taakomschrijving van onze buurttoezichters kunnen staan. Batmanallures kunnen we daar immers niet gebruiken. Voor deze moeilijke job hebben we mensen nodig met een groot hart voor ‘t stad en de soms vreemde vogels die er wonen. Buurttoezichters kijken, luisteren, signaleren, voorkomen, bemiddelen, helpen, lossen op en -als het nodig is- grijpen ze in. Vroeger konden ze problemen en wangedrag enkel melden. Sinds een paar jaar kunnen ze echter ook verbaliseren. Dat geeft hen meer armslag.
We hebben in Antwerpen 47 buurttoezichters in mauve-wit uniform en 18 in burger.
Maar deze relatief kleine ploeg verzet veel werk. Vorig jaar: 4602 sluikstortmeldingen, 2243 samenlevingsproblemen, 890 verwaarloosde gevels en 5700 pv’s. Dat is niet niks als je bedenkt dat er maar 365 dagen in een jaar zijn!
Gisteren, vrijdag 18 november, hebben we op ‘t stadhuis de verjaardag van 20 jaar buurttoezicht gevierd.
Voor mij een kans om hen te feliciteren met hun werk en hen daarvoor te bedanken.
En van Mahmut, die dit werk al sinds het prille begin in 1991 doet, heb ik geleerd dat er trouwens ook ‘n grote gelijkenis is tussen de job van buurttoezichter en die van burgemeester: we weten altijd hoe onze dag begint, maar nooit hoe hij verder verloopt en eindigt!
foto: © www.streetartutopia.com
17/11
Een nieuwe koers voor ‘t stad!
En dat bedoel ik niét figuurlijk. Deze keer mag je het letterlijk nemen. Heb met Ludo en Marc op ‘t schoon verdiep deze nieuwe wielerwedstrijd boven de spreekwoordelijke doopvont gehouden. Hij zal ‘World Ports Classic’ heten en het wordt een tweedaagse. Van Rotterdam naar Antwerpen en terug. Fiere peter is Christian Prudhomme, de directeur van de Tour de France.
Hou er alvast rekening mee in je vakantieplanning en zorg dat je op tijd weer hier bent. Deze WPC zal volgend jaar immers voor het eerst gereden worden op 31 augustus en 1 september. Als een soort ‘naspel’ van de Ronde van Frankrijk die in 2012 al op 30 juni start, een week vroeger dan gewoonlijk wegens de Olympische Spelen in Londen .
Een koers tussen twee grote havensteden. Dat betekent veel wind en veel kasseien. En dus óók veel spektakel ! Een wielerwedstrijd tussen Rotterdam en Antwerpen. Dat betekent: veel volk en veel ambiance. En daarmee slaan wij drie vliegen in één klap: we krijgen een nieuw topsportevenement in Antwerpen, brengen een massa supporters op de been én we vergroten de internationale uitstraling van ‘t stad.
Een nieuwe koers: Rotterdam - Antwerpen - Rotterdam.
Ik hoop dat ik dit voorjaar het parcours zelf al eens zal kunnen rijden en verkennen.
