19/11
Twintig jaar buurttoezicht in ‘t stad
‘Niet voor macho’s en mannetjesputters’. Dat zou in de taakomschrijving van onze buurttoezichters kunnen staan. Batmanallures kunnen we daar immers niet gebruiken. Voor deze moeilijke job hebben we mensen nodig met een groot hart voor ‘t stad en de soms vreemde vogels die er wonen. Buurttoezichters kijken, luisteren, signaleren, voorkomen, bemiddelen, helpen, lossen op en -als het nodig is- grijpen ze in. Vroeger konden ze problemen en wangedrag enkel melden. Sinds een paar jaar kunnen ze echter ook verbaliseren. Dat geeft hen meer armslag.
We hebben in Antwerpen 47 buurttoezichters in mauve-wit uniform en 18 in burger.
Maar deze relatief kleine ploeg verzet veel werk. Vorig jaar: 4602 sluikstortmeldingen, 2243 samenlevingsproblemen, 890 verwaarloosde gevels en 5700 pv’s. Dat is niet niks als je bedenkt dat er maar 365 dagen in een jaar zijn!
Gisteren, vrijdag 18 november, hebben we op ‘t stadhuis de verjaardag van 20 jaar buurttoezicht gevierd.
Voor mij een kans om hen te feliciteren met hun werk en hen daarvoor te bedanken.
En van Mahmut, die dit werk al sinds het prille begin in 1991 doet, heb ik geleerd dat er trouwens ook ‘n grote gelijkenis is tussen de job van buurttoezichter en die van burgemeester: we weten altijd hoe onze dag begint, maar nooit hoe hij verder verloopt en eindigt!
foto: © www.streetartutopia.com
12/11
Het sinterklaasgevoel
Het is er weer. Sinds deze middag hangt het opnieuw in ‘t stad: het sinterklaasgevoel. Naar goede gewoonte is de sint het persoonlijk komen brengen. Dat kan hij als geen ander. Zélfs springtij heeft zijn stoomboot niet overstag doen gaan. Dat is vroeger wel eens anders geweest, wist hij ons vanmorgen in ‘de ochtend’ op radio 1 nog te vertellen. Maar vandaag is alles als vanouds: Conchita moet nog steeds de persoonlijkheid van haar hart kwijt. Ramon kijkt de mama’s diep in de ogen en zingt ze bijna in katzwijm. Professor Van den Uytleg heeft zijn zoveelste sintbestseller geschreven. Bart Peeters en ik vinden het een eer de sint te mogen verwelkomen. En duizenden duizenden kinderen, mama’s en papa’s, bomma’s en bompa’s staan op het Steenplein met spanning op hem te wachten. Sinterklaas treedt zelfs de meest elementaire wetten van de biologie met de voeten: vanaf vandaag zijn meisjes én jongens, vrouwen én mannen ‘in blijde verwachting’. Het sinterklaasgevoel rules ! Toch zijn er elk jaar opnieuw een paar kranten die vragen :‘komt de sint graag aan in Antwerpen? Is de goedheilig man zelf ook zot van A?’ Natuurlijk. Sinterklaas komt uit Myra in Turkije. De botjes van de man naar wie hij is vernoemd liggen begraven in Italië. Bovendien wóónt hij in Spanje. Een polyglot als de sint voelt zich in onze havenstad [waar altijd al mensen uit alle windrichtingen zijn komen aanwaaien] dus zeer op zijn gemak. Maar het meest houdt hij – zo heeft hij mij discreet toevertrouwd- van de ‘grote kinderen’ die alle Antwerpenaren nu eenmaal zijn. Hij houdt van hun grote mond en peperkoeken hartje. Van hun oeverloze verlanglijstjes en huizenhoge dromen waar the sky nooit the limit is. Hij houdt van de brieven die ze schrijven en van de bollekes Koninck die ze klaarzetten. Welkom in onze koekenstad, sint. Je bent hier thuis!